Hier volgt een kopie van de inhoudstafel van het informatief gedeelte. Bedoeling is hieronder onze bezwaren toe te voegen.
PAS OP: In opbouw - Even geduld
1. INLEIDING: HET STRUCTUURPLANNINGSPROCES 7
1.1 Structuurplanning en het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan 9
1.1.1 Structuurplanning als methodiek 9
1.1.2 Het structuurplan als beleidsdocument 10
1.1.3 Structuurplanning: een proces op drie sporen 10
1.1.4 Motivatie voor het opstarten van het structuurplanningsproces 12
1.2 Overleg en communicatie 13
1.2.1 Betekenis van overleg en communicatie 13
1.2.2 Overlegmodel 14
1.3 Timing van het planproces 17
1.3.1 De startnota 17
1.3.2 Het eerste voorstel tot voorontwerp 17
1.3.3 Het tweede voorstel tot voorontwerp 18
1.3.4 Het voorontwerp 18
1.3.5 Het ontwerp 19
2. SITUERING VAN OOSTKAMP 21
2.1 Geografische situering 23
2.2 Cultuur-historische situering 24
2.2.1 De vroege geschiedenis 24
2.2.2 De grote middeleeuwse ontginningsbeweging 24
2.2.3 De laat-middeleeuwse stilstand 25
2.2.4 De grote moderne ontginningsbeweging 25
2.3 Kencijfers 26
3. RUIMTELIJKE CONTEXT OP REGIONAAL NIVEAU 27
3.1 De stedelijke gebieden in de omgeving 29
3.2 Het buitengebied rond Oostkamp 30
3.3 De lijninfrastructuren op regionaal niveau 31
3.3.1 Wegeninfrastructuur 31
3.3.2 Andere belangrijke lijninfrastructuren 31
4. RUIMTELIJKE CONTEXT OP GEMEENTELIJK NIVEAU 33
4.1 De bestaande woon- en leefstructuur 35
4.1.1 Kenmerken en trends van de woon- en leefstructuur 35
4.1.2 Ruimtelijke context van de woon- en leefstructuur 41
4.1.3 Knelpunten en potenties 44
4.2 De bestaande natuurlijke en landschappelijke structuur 45
4.2.1 Fysisch systeem 45
4.2.2 Kenmerken en trends van de landschappelijke en natuurlijke structuur 46
4.2.3 De landschapseenheden en natuurlijk waardevolle entiteiten in de gemeente 48
4.2.4 Knelpunten en potenties 51
4.3 De bestaande agrarische structuur 53
4.3.1 Kenmerken en trends van de agrarische structuur 53
4.3.2 Ruimtelijke context van de agrarische structuur 55
4.3.3 Knelpunten en potenties 56
4.4 De bestaande economische structuur 57
4.4.1 Kenmerken en trends van de economische structuur 57
4.4.2 Ruimtelijke context van de economische structuur 60
4.4.3 Knelpunten en potenties 61
4.5 De Bestaande toeristisch-recreatieve structuur 63
4.5.1 Bovenlokale toeristisch-recreatieve infrastructuur 63
4.5.2 Lokale toeristisch-recreatieve infrastructuur 63
4.5.3 Recreatief medegebruik 63
4.5.4 Knelpunten en potenties 64
4.6 Bestaande verkeers- en vervoersstructuur 65
4.6.1 Analyse van de lijninfrastructuren 65
4.6.2 Kenmerken en trends binnen de verkeers- en vervoersstructuur 66
4.6.3 Knelpunten en potenties 67
4.7 Synthese: de bestaande ruimtelijke structuur van Oostkamp 69
4.7.1 Bebouwde ruimte 69
4.7.2 Open ruimte 69
4.7.3 Lijninfrastructuren 70
5. RUIMTELIJKE CONTEXT OP INTRAGEMEENTELIJK NIVEAU 71
5.1 Indeling in relevante deelruimten 73
5.2 Hoofdkern Oostkamp 75
5.2.1 Bebouwingsstructuur 75
5.2.2 Open ruimtestructuur 76
5.2.3 Lijninfrastructuren 77
5.2.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 77
5.2.5 Genererende en remmende structuren 78
5.2.6 Knelpunten en potenties 78
5.3 Hoofdkern Ruddervoorde 81
5.3.1 Bebouwingsstructuur 81
5.3.2 Open ruimtestructuur 81
5.3.3 Lijninfrastructuren 81
5.3.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 81
5.3.5 Knelpunten en potenties 82
5.4 Nevenkern Waardamme 83
5.4.1 Bebouwingsstructuur 83
5.4.2 Open ruimtestructuur 83
5.4.3 Lijninfrastructuren 83
5.4.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 84
5.4.5 Knelpunten en potenties 84
5.5 Nevenkern Hertsberge 87
5.5.1 Bebouwingsstructuur 87
5.5.2 Open ruimtestructuur 87
5.5.3 Lijninfrastructuren 87
5.5.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 88
5.5.5 Knelpunten en potenties 88
5.6 Nevenkern Moerbrugge 91
5.6.1 Bebouwingsstructuur 91
5.6.2 Open ruimtestructuur 91
5.6.3 Lijninfrastructuren 91
5.6.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 91
5.6.5 Knelpunten en potenties 92
5.7 Nevenkern Steenbrugge 93
5.7.1 Bebouwingsstructuur 93
5.7.2 Open ruimtestructuur 93
5.7.3 Lijninfrastructuren 93
5.7.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 93
5.7.5 Knelpunten en potenties 93
5.8 Nevenkern Baliebrugge 95
5.8.1 Bebouwingsstructuur 95
5.8.2 Open ruimtestructuur 95
5.8.3 Lijninfrastructuren 95
5.8.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 95
5.8.5 Knelpunten en potenties 96
5.9 De veldgebieden 97
5.9.1 Bebouwingsstructuur 97
5.9.2 Open ruimtestructuur 97
5.9.3 Lijninfrastructuren 98
5.9.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 98
5.9.5 Knelpunten en potenties 98
5.10 Het geïntensifieerd agrarisch gebied in het zuidwesten 99
5.10.1 Bebouwingsstructuur 99
5.10.2 Open ruimtestructuur 100
5.10.3 Lijninfrastructuren 100
5.10.4 Voorzieningen- en bedrijvigheidsstructuur 100
5.10.5 Knelpunten en potenties 100
6. PLANNINGS- EN JURIDISCHE CONTEXT 103
6.1 Ruimtelijke beleidplannen 105
6.1.1 Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen (RSV) 105
6.1.2 Provinciaal Ruimtelijk Structuurplan (PRS) 109
6.1.3 Structuurplanning in de buurgemeenten 114
6.2 Juridische plannen 115
6.2.1 Gewestplan 115
6.2.2 Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan: afbakening van VEN en IVON 118
6.2.3 Provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen 118
6.2.4 Algemeen plan van aanleg (APA) 119
6.2.5 Bijzondere plannen van aanleg (BPA) 119
6.2.6 Monumenten, dorpsgezichten en landschappen 122
6.2.7 Habitatrichtlijngebieden 122
6.3 Sectorale plannen 125
6.3.1 Gemeentelijk natuurontwikkelingsplan 125
6.3.2 Mobiliteitsplan 127
6.3.3 Sectorale visie zonevreemde bedrijven 128
7. TOEKOMSTIGE RUIMTELIJKE BEHOEFTEN 129
7.1 Wonen 131
7.1.1 Analyse van het woningaanbod 131
7.1.2 Analyse van de woningbehoefte 138
7.1.3 Confrontatie van vraag en aanbod 141
7.2 Bedrijvigheid 143
7.2.1 Algemeen 143
7.2.2 Vraagruimte lokale bedrijvigheid 143
7.2.3 Aanbodruimte 144
7.2.4 Confrontatie vraag- en aanbodruimte 146
7.2.5 Gemeentelijke technische dienst 146
7.3 Sport en recreatie 147
7.3.1 Hoofdkern Oostkamp 147
7.3.2 Hoofdkern Ruddervoorde 147
7.3.3 Nevenkern Waardamme 148
8. SYNTHESE KNELPUNTEN EN POTENTIES 149
8.1 Algemeen 151
8.2 Knelpunten 151
8.2.1 Bebouwde ruimte 151
8.2.2 Open ruimte 151
8.2.3 Lijninfrastructuren 152
8.3 Kwaliteiten en potenties 153
8.3.1 Bebouwde ruimte 153
8.3.2 Open ruimte 153